Vallen en weer opstaan

Deze week is voor mij een offweek. Niet alleen omdat ik het echt wel heel erg heet vind tijdens het lopen. Nou ja niet eens alleen tijdens het lopen maar gewoon in het algemeen. Maar ook omdat mijn grote droom van de kalender af werd geveegd.

Ik kan niet zeggen dat ik er van sta te kijken, want eerlijk is eerlijk. Met meer dan 50.000 mensen in een startvak is iets wat we ons nu echt niet voor kunnen stellen. Maar toch hoop doet leven. Zeker omdat we 1 november 2020 3 jaar geleden al in onze agenda hadden gezet.

Toen besloot Jochem namelijk voor zijn eerste marathon te gaan trainen en hoorde we iemand over de New York marathon van 2017. Dat was de 47e. Daarom dat Jochem toen al zei:” Nikki in 2020 ga ik New York lopen, dan is het namelijk de 50e.” Ik had toen nog helemaal niet de ambitie om ooit maar een marathon te lopen, maar een tripje naar New York zeg ik ook geen nee tegen. Prima je doet maar ik kom je wel aanmoedigen. En zo stond de eerste zondag van November al 3 jaar eerder in onze agenda thuis.

Ergens medio 2018 hebben wij onszelf dan ook al op wachtlijsten gezet. Ik had me toen net ingeschreven voor mijn eerste marathon. Ik doe dat maar 1x riep ik heel hard. Totdat wij in februari 2019 allebei de kans kregen om ons in te schrijven als loper voor de New York marathon. Ik zat net volop in m’n lange duurlopen en ik was mijn plezier in lopen compleet verloren. Ik vond er letterlijk geen zak aan. Maar Nikki het is New York, geen tijdsdruk en the big Apple. En daarom besloot ik me om ook in te schrijven voor deze marathon. Die ene kan er dan nog wel bij. Niet veel later verscheen overal in de stad mijn eerdere uitspraak op de mediaschermen. De Rotterdamse Nikki loopt de Rotterdam Marathon en ze doet het maar 1x

Toen ik bij Rijnmond Radio zat in de week voor mijn eerste marathon kon ik dat dan ook meteen rechtzetten. Je doet het maar 1x hè zeiden ze. Nou…..uh……ik heb me inmiddels ingeschreven voor nog een marathon. En dat terwijl ik nog niet eens wist wat ik kon verwachten…

Na Rotterdam was ik niet echt tevreden en kijk ik nog altijd met gemengde gevoelens terug. Natuurlijk trots dat ik een marathon heb gelopen, dat kan niet iedereen zeggen. Maar ik had er 5:12:11 over gedaan en dat moet sneller kunnen. Gelukkig had ik mijn herkansing al klaar staan. En vanaf mei 2019 ging er bij mij een knop om. Ik ga gezonder eten zodat ik met minder kilo’s aan de start sta in New York. Ook ga ik vaker langere afstanden lopen en aan mijn snelheid werken.

Al die dingen heb ik het afgelopen jaar aangepakt. Ik ben sinds de Rotterdam marathon bijna 10 kilo kwijt en ik loop PR naar PR. En toen ik begin dit jaar weer 25 km’s ging lopen ging dat veel gemakkelijker dan gedacht. Ik begon daardoor steeds meer overtuigd te worden dat ik in NY dan ook echt onder de 5 uur zou gaan lopen.

Natuurlijk rekende ik er op dat de marathon afgelast zou worden en ik had er zelfs al over gesproken om met een paar man een alternatieve marathon in de buurt te gaan lopen. Maar toch bleef ik stiekem hopen. Hopen op een revanche in the big Apple en op mezelf. Wat ik niet had verwacht is dat hij zover van te voren al afgelast zou worden en ik nu niet eens mijn lange duurlopen hoef te gaan doen.

Alles is in perspectief, maar nu de situatie rondom wat minder urgent is kan ik je wel vertellen dat het daarom net iets zuurder is dan bijvoorbeeld de afgelasting van de Roparun. Ook hiervan weet ik dat ik alles op alles ga zetten om in 2021 alsnog mee te gaan doen. Maar een beetje balen mag toch wel?

Wel hoop ik dat we op kleinere schaal in Nederland alsnog een marathon kunnen lopen. Of dat een geïmproviseerde marathon rondom huis wordt of dat we nog aan de start kunnen staan van Rotterdam of Eindhoven ik zal in het najaar een marathon lopen. Al is het alleen maar om te kijken hoe die marathon me nu af gaat, zodat ik misschien in 2021 wel 2 marathons in een jaar kan gaan lopen…

Sterker door strijd

Ik ben nu een aantal maanden aan het trainen met Frido van Flijmscherp. Nou ja met, ik krijg via de app mijn trainingsschema’s en na iedere run geef ik aan hoe het ging. Ook kijken we of ik de opgegeven tempo’s haal, hoe dat aanvoelde of ik krijg te horen dat ik te hard liep.

Op deze manier trainen bevalt me prima. Vaak loop ik net even andere afstanden of tempo’s dan dat ik gewend was. In het begin dacht ik vaak:” F*ck wat een tempo dat haal ik nooit!” Inmiddels heb ik vriend en vijand verbaast en loop ik de tempo’s wel. Maar het belangrijkste is, ik verbaas mezelf. Keer op keer heb ik het zwaar, maar ik doe het wel. En inmiddels lopen stiekem de kilometers ook aardig op.

Deze week stonden er weer een aantal testloopjes op het programma. Qua omvang niet de meeste kilometers in de week, maar wel 2x het onderste uit de kan halen. Waar ik mezelf de zondag ervoor al verbaasde met een rustige halve marathon in 2:08 was ik nu wel erg benieuwd waar ik nu sta. Afgelopen donderdag stond de eerste test gepland. Rustig inlopen, dan even rekken en strekken en dan 1 kilometer vlammen. Als afsluiter nog even lekker uitlopen.

Ik keek er met veel ongeduld naar uit. Ik had Jochem zover gekregen om op de fiets mee te gaan. Hij zou op 4:30 gaan fietsen, dat was wat ik minimaal wilde halen en zo kon ik niet te snel van start gaan. Op het laatste stuk kan ik hem dan inhalen als het erin zit, dat was mijn raceplan. Daarvoor moest ik wel wachten en in de avond lopen. Maar toen kwam er aan appje van wat loopmaatjes dat er noodweer aan kwam. Wat?! Dat mag niet, ik moet een kilometer gaan knallen. Daarom werden snel de loopschoenen onder gebonden en Jochem kreeg de opdracht op te schieten dan lukt het nog wel even snel voor de bui.

Ik was 10 minuten op weg en toen begon ik de eerste druppels te voelen. Een vluchtige blik naar de lucht gaf mij de hoop dat ik die kilometer nog wel kon lopen waardoor ik gewoon doorliep naar de kilometer achter de plas. Daar aangekomen brak echt alles los. Ik zag geen hand meer voor ogen, was zweiknat en de bliksem volgde steeds sneller op. In dit weer ga ik geen kilometer knallen, maar de buienradar gaf ook aan dat het na 20 minuten weer over zou zijn. Ik stuurde daarom Jochem weg op de fiets om te gaan schuilen en ik loop er wel achter aan. Maar dan is de andere kant van de plas opeens heel ver weg. Zeker omdat ik echt geen held ben met onweer.

Bij de boulevard aangekomen was ik blij dat ik even droog kon staan en ik merkte dat ik snel afkoelde. Toch moest en zou ik vanavond die kilometer gaan lopen, het staat per slot van rekening op het programma. Zo snel als de regen kwam zo snel was het ook weer voorbij. Alleen de onweer bleef op 2-3 tellen hangen. No way dat ik dan ga lopen. Maar gelukkig trok deze ook weg en kon ik mijn raceplan uitvoeren.

Ondanks dat ik voelde dat mijn spieren inmiddels echt wat koud geworden waren kon ik er nog een 4:28 uitpersen. In ieder geval sneller dan m’n doel van 4:30. Wat was ik blij dat het me gelukt was, maar aangezien ik binnen een minuut ook weer hersteld was baalde ik ergens ook wel. Als ik zo snel herstelde dan had het misschien ook nog wel sneller gekund? De totaal uitgeruste benen de volgende dag bevestigde dat gevoel.

Maar gelukkig kon ik er ook niet al te lang bij stil staan. Op zaterdag stond alweer de volgende training op het programma en deze had ik even uitgebreid geanalyseerd. Een progressieve 10. Van 5:55 iedere kilometer versnellen naar 5:15 en dan de laatste kilometer kijken wat er nog in zit. Dan mag ik de laatste kilometer nog in 5:34 lopen om alsnog een PR te lopen. Dus dit wordt nog een kans om m’n kunnen te laten zien. Daarnaast wordt dit voor mij een revanche op een paar weken geleden. Toen stond de progressieve 10 ook al op het programma, maar deze poging moest ik na 4 kilometer al staken. Zonder maaginhoud was dit gewoon niet te doen.

En nu op zaterdagmorgen een nieuwe kans. Ik had geen wekker gezet, zodat ik volledig uitgerust van start kon gaan. Gelukkig was het nog niet super heet dus dat zat ook mee. En ja hoor de kilometers vlogen afgelopen zaterdag voorbij. Steeds weer een klein beetje versnellen. De eerste minuut van de nieuwe kilometer moest ik even op zoek naar het nieuwe tempo maar al snel had ik dit ook weer onder controle. Bij kilometer 4 voelde ik me nog prima en dat voelde wel even lekker. Gelukkig ik hoef niet weer af te haken.

Onderweg kwam ik regelmatig bekende tegen en ik kon ze nog makkelijk begroeten. Yes dat voelt dus ondanks de tempo’s ook nog goed aan. De laatste kilometer kon ik voor een PR relatief rustig aan doen, maar hallo dat ga ik natuurlijk niet doen. Ik besloot daarom gewoon maximaal te gaan. En nu naar afloop kan ik wel degelijk stellen dat dat goed is uitgepakt. De laatste kilometer liep ik in 5:05 en de 10 km liep ik in 55:11. Gewoon een tweede PR in een week. Thuis wachtte me nog een aangename verrassing, want onderweg had ik ook nog mijn tijd op de 5 kilometer verbeterd. BAM.

Dit voelen voor mij echt aan als bizarre looptijden. Ik kan me nog zo goed herinneren dat ik mijn eerste 10 kilometer onder een uur liep. Wow wat was ik trots en blij, dat was toch echt wel een streeftijd. En nu, nu loop ik daar nog bijna 5 minuten vanaf. Ik kan wel stellen dat de trainingen van de afgelopen maanden hier heel veel aan bijgedragen hebben. Een andere manier van trainen en 1 op 1 begeleiding om mijn progressie te verbeteren.

Het was een idee waar ik al langer mee rond liep, maar Covid-19 zorgde net even voor dat laatste zetje in de rug. Eigenlijk om me voor te bereiden op een tijd van onder de 5 uur in New York, maar of deze nog door gaat dat zal de tijd leren. Maar die 5 uur dat moet er zeker in zitten. En op weg er naar toe hoop ik nog vaak en veel PR’s te verbeteren.

Mijn eerste loopreis

In augustus ben ik met deze site begonnen. Simpelweg omdat ik het leuk vind om over mijn loopjes te schrijven. Maar ook om te laten zien hoe mooi lopen in het buitenland kan zijn. Inmiddels heb ik onder andere kunnen schrijven over IJsland, Disney en Valencia.

Aangezien er nu op hardloopgebied weinig gebeurd vind ik het een mooie periode om terug te blikken. Ik geniet van de loopjes in de buurt en ontdek steeds weer opnieuw mooie routes. Maar er zijn geen wedstrijden, geen specifieke doelen op de kalender. En daarom wil ik jullie meenemen naar mijn eerste buitenland looptrip. Want dat is ook zeker een van de mooiste.

Hoewel we de afgelopen tijd volop hebben kunnen genieten van de zon ga ik toch echt een verhaal schrijven over sneeuw en kou. En dan bedoel ik ook echte kou.

Mijn eerste loop in het buitenland was namelijk tijdens de Midwintermaraton in Tromsø, Noorwegen. Tromsø ligt boven de poolcirkel. Wij gingen hier naartoe met een groep van de Rotterdam Running Crew. Ik geloof een mannetje of 20 en de meeste daarvan kon ik niet of nauwelijks. Een ding hadden we in ieder geval gemeen, we houden van hardlopen.

Ik ben nog altijd dankbaar dat iemand in de groep gooide wie wil er mee in Tromsø gaan lopen. Eerlijk is eerlijk ik moest even opzoeken waar het dan precies lag. Maar ik zag ook snel dat je daar naast lopen kon husky sleeën, sneeuwscooteren en dat er een reële kans is op het Noorderlicht. Ik was dan ook meteen enthousiast, maar Jochem wilde nog niet echt meewerken. Daarom onder voorbehoud naar de informatie avond en naar de verhalen luisteren van degene die een jaar eerder waren gegaan. Ik wist het zeker, ik moet die reis maken. En daarom Jochem verteld dat ik ons in had geschreven als geïnteresseerd, want hij begon het wel steeds mooier te vinden. Bij thuiskomst moest ik wat opbiechten. Sorry schat het was geen geïnteresseerde lijst, maar in januari stappen we op het vliegtuig naar Tromsø. Ik geloof dat er 5 minuten gesproken werd over een ja maar, maar dat dat al heel snel was omgezet in een het is ook wel erg gaaf.

Voordat we met z’n alle op Schiphol afspraken zijn we een keer met het grootste gedeelte van de groep gaan lunchen. Als een soort van kennismaking. De volgende ontmoeting van de hele groep was op Schiphol in de Heinekenbar. Iedereen was dol enthousiast over de reis die gemaakt zou gaan worden en ik kreeg het gevoel van een schoolreisje voor volwassenen.

Via Oslo vlogen we naar het hoge noorden. Op het vliegveld van Tromsø werden we opgewacht met een grote fles champagne. Op naar ons hotel. Het was al laat in de avond en de volgende dag stond de eerste excursie al op het programma dus na een biertje in de lobby werden al snel de slaapkamers opgezocht.

De volgende dag werden we namelijk na het ontbijt opgehaald met een bus om wat meer de bergen in te trekken. Daar ergens hoog in de bergen waren de honden namelijk op ons aan het wachten. Eerst mochten we nog even wat extra lagen kleding aantrekken, want het zou koud worden. In het hotel had ik al de nodige thermo’s en truien over elkaar heen getrokken. Maar hier kwam er nog een muts, een sjaal en een dik skipak over aan. En natuurlijk kregen we handschoenen, want onze eigen handschoenen zouden te koud zijn

Dit alles gebeurde met volop hondengeblaf op de achtergrond. Ze stonden letterlijk te springen. Na een korte instructie hoe we de slee mochten bereiden gingen we dan echt op pad. Tussen de bomen door en over de vlaktes die in de zomer als golfbaan fungeert. Wat was dit gaaf! Onderweg kon je ook nog wisselen van bestuurder naar passagier zodat je allebei kon ervaren hoe zwaar het is om met zo’n slee te sturen laat staan het remmen. Voorop had je dan ook de mooie gelegenheid om foto’s te maken. Maar niet teveel, want daarvoor moest je je handschoenen uit doen en dan vriezen echt je vingers er af. Na afloop konden we weer opwarmen met een kop rendiersoep. Dat klinkt viezer dan het daadwerkelijk is.

Na het avondeten gingen we uiteindelijk ook nog op zoek naar het Noorderlicht. Met onze grote touringcar was dat nog niet eens heel makkelijk. En eigenlijk hadden we na een paar uren zoeken de hoop ook wel opgegeven. De koekjes van de gids waren wel heerlijk alleen was ze de theezakjes voor het hete water vergeten, dus het water lieten we voor wat het was in de bus hadden we ook ons eigen drinken bij ons dus dat kwam wel goed.

Gezien de heinekenflesjes en de meligheid van menigeen onder ons en Ohw ja er was ook nog iets met een fles Bacardi was het toch een enorm gezellige boel in de bus. Maar ja dat werkte ook op de blazen en toen de persoon die het meest had gezopen bij een plasstop de bus in kwam gerend met de mededeling: “het Noorderlicht,” werd dat natuurlijk niet geloofd. Totdat er meer mensen kwamen van kom nu echt naar buiten. Alleen waren intussen alle lagen kleding voor de kou wel uitgedaan. In de bus was het namelijk warm genoeg. Daarom snel en jas aan en hup naar buiten. Want daar was inderdaad het Noorderlicht. Heel licht maar wel heel bijzonder om te zien. Nog maar even snel de bus in om toch nog die extra trui aan te doen en nog even langer te genieten.

De volgende dag stond de run op het programma. Na het ontbijt snel onze startnummers ophalen. We waren al gewaarschuwd dat de expo niet heel veel voorstelde, maar dit had niemand verwacht. Er stonden een paar tafels in wat volgens mij de bibliotheek was en er hing een kledingrek met wat shirtjes. Helaas waren de mooiste shirtjes al weg, maar toch wilde ik een aandenken hebben. Daarom dan maar een wat minder bijzonder shirt gekocht. Inmiddels waardeer ik de lelijkheid en is het gewoon mooi van lelijkheid.

De rest van de dag brachten we door in het dorp. Ik heb nog nooit zoveel gesproken over wat we in hemelsnaam voor kleren aan moesten trekken tijdens het lopen. En leuk dat je het tijdens de run zelf wel warm krijgt maar ik moet daarvoor ook in het startvak staan. Sommige van ons liepen de halve en sommige net als wij de 10 kilometer. Gelukkig starten deze net achter elkaar waardoor we wel gezamenlijk naar het startvak liepen. Maar pff wat had ik het koud. We waren daarom ook erg blij met een tippietent met daarin een kampvuur. Hier konden we ons nog iets opwarmen voor de start. En we liepen dan ook echt pas 1 minuut voor de start naar het startvak.

Bijzonder om te starten over de sneeuw. Al die voetstappen die een knarsend geluid achterlaten. En al snel waren we het dorpje uit en zaten er best aardige klimmetjes bij. Langs het water was de wind behoorlijk scherp maar de bewoners die aan de kant stonden maakte veel goed. Iedere 2 meter stond er een kaars in de sneeuw te branden en met de nodige koeienbellen maakte ze herrie voor 10. Het Noorse Heya heya heya zal ik nooit meer vergeten en soms beeld ik het mezelf nog steeds in tijdens loopjes. Ook het keerpunt was het meest bijzondere ooit. Gewoon 180 graden draaien op een doorgaande weg die redelijk schoongeveegd was van de sneeuw. Alleen lag alle sneeuw dan wel in het midden. Het keren zorgde dan ook voor natte voeten en tot in de knieën wegzakken in de sneeuw. Wat wel een voordeel was was dat alle klimmetjes die we onderweg hadden gehad nu dus naar beneden gingen. Een was er zelfs zo stijl dat ik gewoon aan de kant mezelf ging vasthouden om niet op m’n kont naar beneden te glijden.

Bij de finish waren we opgetogen we hadden het geflikt. Een geweldige ervaring en een geweldige medaille rijker. Gelukkig stonden er volop fotografen en daarom poseerde we nog even met z’n vieren. We waren namelijk met z’n vieren bij elkaar gebleven het hele parcours dus dit zou een mooie foto worden als herinnering van deze bijzondere reis. Achteraf hebben we deze foto alleen nooit meer terug kunnen vinden. Uiteindelijk blij met de aluminium deken die we kregen gingen we terug naar het hotel. Eigenlijk wilde we wachten op de rest maar het was simpelweg gewoon te koud. Wat was ik blij met de warme douche in het hotel. Wat het extra bijzonder maakte was dat het nog maar 16:00 was maar het leek wel 4:00 in de nacht. Tijdens het avondeten werden dan ook alle ervaringen van de lopers uitgebreid gedeeld.

De volgende dag stond alweer de laatste excursie op het programma, sneeuwscooteren. Weer gingen we de bergen in. Deze keer wel met een kleinere groep, want de helft ging sneeuwscooteren en de andere helft ging met een boot op zoek naar walvissen. Ook nu hadden we ons al flink warm aangekleed maar kregen we nog een paar extra lagen aan. Iedereen stond echt te springen van de adrenaline en ook de meligheid was duidelijk aanwezig. We leken wel een paar drukke apen in dat kleine hokje waar we ons moesten omkleden. Toen er dan ook bij buitenkomst een berg sneeuw gevonden werd, werd deze uiteraard gebruikt als glijbaan. Opnieuw gingen we met een busje nog hoger de bergen in om daar bij de sneeuwscooters uit te komen.

Wat ook direct opviel was dat het zoveel meer licht was zo hoog in de bergen dan beneden in het dorp. Ik ben nog nooit zo blij geweest met een paar uur daglicht. Het duurde niet heel lang voordat de eerste scooter uit de bocht vloog recht op een boom af. Gelukkig was er geen schade en kwam iedereen met de schrik vrij. Dit zorgde wel voor nog meer hilariteit in de groep. Ook kwam ik er tijdens deze trip achter dat ik een echte held op sokken ben. Achterop vond ik het al doodeng, maar toen ik zelf een stukje mocht rijden was het helemaal erg. Ik denk dat een bejaarde met een rollator nog sneller was. Mijn hoogtevrees hielp daar ook niet aan mee zo op de bergtoppen. Toen ik uiteindelijk van de berg af gleed op een beekje af en daarmee een kop staart botsing creëerde was ik er echt klaar mee. Jochem jij rijdt de rest.

Bij terugkomst in het dorp gingen we de omgeving nog wandelend verder verkennen en waarbij we met een kabelbaan naar boven gingen om te genieten van het uitzicht. Als afsluiter aten we nog een hapje eten bij het lokale steakhouse, wat overigens echt heerlijk was. Het restaurant lag in een kleine haven en toen we het restaurant uit liepen kregen we toch wel de mooiste afsluiter van deze trip. Het Noorderlicht boven de haven, helderder dan 2 dagen ervoor.

Nu 3,5 jaar later kan ik nog ieder detail van deze reis voor me halen. wat een geweldige ervaring was dit. Mocht je ooit in de gelegenheid zijn om de midwintermarathon in Tromsø te gaan lopen dan kan ik maar 1 ding zeggen. DOEN!!!