Ain’t no mountain high enough

Deze week is mijn lichaam een beetje aan het protesteren. Ik denk dat ik ook wel weet hoe dat komt. Ik ben namelijk met 101 dingen bezig en mijn lichaam heeft daar denk ik een beetje genoeg van. Veel stress van van alles en nog wat en nu wil het denk ik rust. Gelukkig heb ik over een paar dagen vakantie.

Toch begon ik vandaag met volle moed aan mijn blokken training. Alleen direct bij de eerste brug ging mijn rug piepen en kraken. Afzetten lukte bijna niet waardoor ik besloot het programma even links te laten liggen en gewoon op gevoel te gaan lopen. Toen ik zag dat ik de 2e kilometer alweer liep in 5:39 begon ik toch wel te twijfelen of ik de juiste keuze had gemaakt.

Gezien de hitte op de vroege morgen besloot ik richting skiberg te gaan, want daar kan ik een beetje onder de bomen door lopen. Ik dacht nog bij mezelf maar vandaag laat ik de bergen wel even links van me liggen.

Totdat ik in de verte de uitkijktoren zag staan. Deze ben ik nog nooit opgeklommen vanwege m’n hoogtevrees. Wel heb ik het eerder geprobeerd maar dan draaide ik bij de 2e trap alweer heel snel om.

Vandaag zei iets in mij: “Ik ga het wel doen!” Eerder deze week werd mij namelijk tijdens een gesprek gevraagd of ik mezelf met een titel van een song kon omschrijven. Aangezien de meeste titels en artiesten niet in mijn hoofd blijven zitten vond ik dit een hele lastige vraag. En moest er echt even goed over nadenken. Ik wilde namelijk ook laten zien dat ik niet snel opgeef en geen uitdaging uit de weg ga. En daarom dat ik uiteindelijk kwam op: Ain’t no mountain high enough.

En daar moest ik vandaag aan denken tijdens mijn rondje rennen. Ik ga zowel op werk als privé gebied inderdaad geen uitdaging uit de weg. Ik hou er zelfs van. En opgeven? Dat komt ook niet in mijn woordenboek voor. Totdat ik de lucht in moet. Of het nou gaat om in een vliegtuig stappen of dat ik veilig achter de raam sta in een flat. Ik sta te bibberen op mijn benen. Laat staan als iets in de open lucht is dan sta ik niet alleen te bibberen op m’n benen, maar wordt ik ook misselijk.

En nu, nu heb ik zomaar ineens besloten dat ik die toren op ga klimmen. In de open lucht met een open trap, maar ik ga het doen. Ik rende er met volle moed naartoe. De eerste trap op. Oeps pff waarom wilde ik dit. Nog een trap verder. Ga ik dit echt doen?! Een voorzichtige blik naar boven bracht mij tot de conclusie dat het echt nog wel een aantal trappen zijn. Toch vind ik dat ik niet moet zeuren en gewoon door moet lopen. Voordat ik het weet ben ik over de helft. Daar begint mijn hartslag toch echt wel te stijgen, maar ik ben er aan begonnen en ik zal doorzetten.

Waar de energie en drive opeens vandaag kwam is mij nog altijd een raadsel. Toch ging ik door. De laatste treden welliswaar vastgeplakt aan de trapleuning, maar ik ging door. Nog 2 trappen, nu ga ik zeker niet meer opgeven. Nog 1, kom op Nik je bent er bijna. En daar stond ik dan opeens. Helemaal bovenin op de uitkijktoren. Het uitzicht boeide me niet zoveel. Ik wil een foto als bewijs en dan snel naar beneden. Na een troste selfie kon ik het ook niet laten om nog even foto’s van het uitzicht te maken, maar toen was het voor mij wel klaar. Ik heb mezelf overwonnen, ik ben helemaal naar boven gegaan en ik heb er foto’s van gemaakt.

Ain’t no mountain high enough!!

Eén gedachte over “Ain’t no mountain high enough”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.