Doelen

Inmiddels zijn we allemaal enigszins gewend aan het thuis zitten. Ook het thuiswerken in combinatie met thuisjuf zijn heeft inmiddels zijn weg gevonden. Er komt een soort van ritme in. Niet het ritme dat ik gewend ben of zelf voor zou kiezen, maar ik ben nog gezond. Dat is het belangrijkste. En verder? Het is wat is het is momenteel. Ritme dat heb ik nodig heb ik gemerkt, dat geeft mij rust.

Gelukkig vliegen bij mij de Corona kilo’s er nog niet aan maar extra opletten is het wel. Het sporten doe ik nog wel en sinds mijn laatste blog heb ik mezelf ook echt een schop onder m’n kont gegeven. Gewoon 3x in de week hardlopen, soms 4x. En de buikspieren houdt ik enigszins in vorm door thuisoefeningen nu ik niet naar de warmtecabine mag.

Deze tijd heeft mij ook wel weer kritisch naar mezelf laten kijken. Ik loop graag bij de loopgroep, heerlijk met een vaste groep en elkaars vorderingen te zien en meemaken. Alleen nu moet ik het alleen doen. Hoewel ik het afgelopen jaar veel vorderingen op hardloopgebied heb gemaakt denk ik dat er nog meer in zit.

Dat bewees ik vorige week ook wel. Gewoon even een klein rondje op zaterdagochtend voor het ontbijt. Nou dat werd een mooi PR en dat gewoon in de wijk. Ik had zelfs nog niet eens ontbeten. Dus dat biedt perspectief voor dit hardloopjaar.

Hoewel het echt nog wel de vraag is of er dit seizoen nog wedstrijden georganiseerd worden. Binnen de loopgroep hebben Jochem en ik ook wel een beetje een naam. We staan er om bekend dat we veel, volgens sommige heel veel, wedstrijden lopen. Ik vind dat altijd gewoon heel gezellig en leuk om te doen. En ik loop niet iedere wedstrijd voor een nieuw PR, soms ook gewoon om te genieten van de mensen langs de kant en het parcours. Juist daarom had ik wel verwacht dat ik het zou gaan missen. En natuurlijk het is jammer dat ze nu allemaal zijn afgelast, maar missen doe ik het nog niet.

Misschien ook wel omdat mijn doel van dit jaar nog niet is weggevallen. De New York Marathon is namelijk nog niet afgelast, deze staat “pas” op 1 november. Steeds meer mensen zeggen dat ik dit wel kan vergeten, maar ik vergeet helemaal niks zolang het niet officieel is. En daarom train ik gewoon lekker door. Nu nog het kortere werk en intussen mijn snelheid verbeteren.

Anderhalve week geleden heb ik daarvoor hulp ingeschakeld. Een persoonlijk schema op basis van mijn eigen kunnen en mijn eigen doel. De marathon in New York in ieder geval onder de 5 uur lopen.

Deze week ben ik daarmee aan de slag gegaan. Hoewel de schrik me om m’n hart sloeg bij sommige beoogde tempo’s vond ik het erg leuk om kennis te maken met een nieuwe manier van trainen. Hoezo na een duurloop nog 5 sprintjes trekken of ieder 10 minuten versnellen tijdens een loopje? Nu, na mijn eerste nieuwe trainingsweek kan ik zeggen, het bevalt me prima. En het is mooi dat mijn lichaam aan mijn hoofd laat zien dat ook ik die tempo’s aan kan.

Natuurlijk is het niet alleen hosanna. Zoals jullie eerder hebben kunnen lezen, ik baal soms echt wel. Maar ik denk dat we dat allemaal hebben en dat mag ook. Zo heb ik enorm gebaald en misschien nog steeds wel dat de Roparun dit jaar niet door gaat. In 2020 loop ik de New York Marathon, maar de Roparun lopen was minstens net zo belangrijk. Dat waren mijn 2 grote doelen voor 2020. Ook voor de Roparun heb ik hard gewerkt. Op het gebied van lopen, maar ook om geld in te zamelen. De inschrijving van Jatogniettan?! gaat niet verloren en in 2021 zijn we er gewoon weer bij.

Waarom ik zo gepassioneerd ben over de Roparun? Daarvoor moeten jullie eind volgende week toch echt de Runner’s World kopen. Want in het mei nummer staat een mooi interview met mij Vanaf ongeveer 25 april ligt deze in de winkels…

Het is stil

Overal is het stil. En ook ik ben stil. We moeten er voor elkaar zijn, maar tegelijkertijd is eigenlijk alles onwerkelijk. De straten zijn leeg en als ik op tv een film kijk is mijn eerste gedachte: ” Houdt afstand van elkaar!”. Hetzelfde denk ik als ik even een boodschap ga doen en iemand komt in mijn “aura”. Een aura van 1,5 meter momenteel. Alle clichés zijn waar, we zitten in een slechte film en niemand weet hoe lang het duurt. Maar toch doen we het allemaal wel. We vinden onze draai erin en we dealen ermee. De enige dag voel je je er beter bij dan de andere.

Er is de afgelopen weken veel gebeurd, maar dit is voor mij de eerste keer dat ik er iets over schrijf. Niet omdat er niet mee bezig ben geweest, niet omdat ik er niet over wilde schrijven. Maar ik wist niet goed wat ik erover kon zeggen. Iedereen is aangedaan en toch is alles relatief. Natuurlijk baal ik dat de Rotterdam Marathon, de Roparun en alle andere events die ik had staan zijn afgelast.

Net nu ik allerlei dingen op de planning had staan die ik eigenlijk al jaren wilde doen. Maar wie ben ik er om er van te balen terwijl er mensen in het ziekenhuis liggen te vechten voor hun leven of de mensen die nu opeens geen inkomen meer hebben doordat al het werk is weggevallen. Waar heb ik het dan nog over met mijn lopen?! Deze tweestrijd heeft ervoor gezorgd dat ik nog niet veel heb gedeeld.

Het is wennen om zoveel thuis te zijn en het verstoort mijn ritme. Mijn werk gaat door, met volle toeren heb ik het idee en daar ben ik eigenlijk wel blij om. Ik ben van 4 dagen naar 5 dagen pr week gaan werken en dat zorgt er in ieder geval voor dat ik bezig ben. Daarnaast is Jochem’s zoon de halve week bij ons waarbij we dus ook aan de slag mogen met het schoolwerk van een 7-jarige. En als het schoolwerk af is dan pas begint het echte werk. Een kind van 7 entertainen die opeens zijn vriendjes niet meer ziet en ook niet verder kan komen dan het tuinhek en dat terwijl het eigen werk ook gewoon doorgaat.

Een avond in de week mag ik Skypen met mijn oma. Zij zit namelijk in een verzorgingstehuis met de ziekte van Alzheimer. De eerste dagen dacht ze dat zij deze griep had veroorzaakt en voelde ze zich schuldig en verdrietig. Dat maakte mij ook verdrietig, want juist nu kunnen we niet naar haar toe om te zeggen dat het niet door haar komt. Gewoon een arm om haar heen slaan. En het duurt nog wel even voordat we naar haar toe mogen.

Wel belt ze veel. Maar ik merk dat deze ziekte juist in deze tijd erg moeilijk is. Opeens vraagt ze steeds aan mij waar Nikki is en of die bij mij is. Als ik zeg dat ik Nikki bent geeft ze aan dat ze die andere bedoeld. Voor mij als enig kind is het dan ook echt een raadsel wie ze bedoeld, maar ik reageer er niet meer op. Wel maakt dit me bang. Weet ze nog wie ik ben als ik wel weer langs mag komen? Of komt de tijd die ik sinds de diagnose gevreesd heb nu toch echt dichterbij?

Ik weet het niet, niemand weet het. En dit is een van de dingen die mij bezig houdt. En zo heeft iedereen ongetwijfeld zijn of haar eigen twijfels of onzekerheden. Het is wat het is nu en we moeten het er mee doen.

Hardlopen is normaal een goede uitlaatklep. Gedachte op 0, blik op oneindig en gaan. Of anders in ieder geval de gedachten weer ordenen. Toch heb ik er deze week moeite mee. Waar ik de eerste 2 weken prima kon gaan lopen en ook graag ging moet ik me nu echt vooruit schoppen. Het alleen lopen is niet echt mijn ding. Ik mis mijn loopmaatjes om elkaar er doorheen te trekken. Als het even kan proberen Jochem en ik wel samen te gaan of de kleine gaat op de fiets mee. Maar als dat allemaal niet lukt en ik moet alleen gaan dan is mijn motivatie 0.

Toch is het niet zo dat ik naast het werken alleen maar Netflix zit te kijken. In huis zijn zo’n beetje alle klusjes gedaan, de zolder is uitgezocht en opgeruimd en nu is de tuin aan de beurt. Plantenbakken gekocht, planten erin en nu worden de schuttingen opnieuw in de beits gezet. Allemaal leuk en aardig en natuurlijk ben ik er blij mee. Maar toch sporten was in mijn leven gekomen en dat moet er niet meer uit.

Daarom gebruik ik deze blog nu ook als een stok achter de deur. Vanaf vandaag ga ik minimaal 3x in de week lopen. Weer in een ritme komen al zal het een ander ritme zijn dan ik gewend was. Dat maakt niet uit. Ik denk dat iedereen wel heeft laten zien dat we ons kunnen aanpassen als het leven opeens zo drastisch veranderd. Dan kan ik een verandering in mijn hardloopritme ook wel aan.

Vandaag zou de Rotterdam Marathon zijn. Niet lullen maar lopen. Voor veel mensen de dag die al maanden groot omcirkeld in de agenda stond. Dat lopen gaat nu niet door, maar voor mij is deze hele periode een marathon. Iedere stap vooruit is een stap dichter bij de finish. De weg naar de finish is zwaar, maar opgeven is geen optie. Ergens in het Kralingse Bos wacht de man met de hamer, maar als je de Coolsingel op draait…. Nu ontbreken alleen de kilometer borden, je horloge geeft ook geen tussenstand aan dus geen idee waar we zijn, maar we komen er wel. En hopelijk kunnen we volgend jaar terugkijken op een gekke tijd, iets wat ik nooit meer hoop mee te maken. Maar hopelijk kunnen we dan tegen elkaar kunnen zeggen: “We hebben het geflikt met elkaar.”

Wild life

Wat ik zo fijn vind aan hardlopen is dat je het overal kan doen. Dit weekend gingen wij een weekendje weg met vrienden. Maar dat hoeft geen probleem te zijn voor mijn schema, want schoenen en kleren mee in de koffer en gaan. Achteraf gezien gooide Ellen wel wat roet in het eten.

Met de kinderen gingen we namelijk een weekendje naar de Beekse Bergen. Allemaal op safari beesten kijken. Met een huisje aan de Savanne moet dat helemaal goed komen, zeker omdat we ook nog een verjaardag te vieren hadden. Bij aankomst zagen we de zebra’s, giraffen, struisvogels en Afrikaanse runderen al voor ons terras staan. Best bijzonder om ze van zo dichtbij te zien zonder hoge hekken ertussen.

Nadat we op zaterdag de dieren waren gaan bekijken en nog een uurtje over hadden besloot ik een rondje te gaan lopen. Vanuit de safaribus had ik die ochtend gezien dat ik rondom het resort kon lopen en daarbij ook langs de dieren kwam. Wanneer kom je tijdens het hardlopen in Nederland nou giraffen en zebra’s op je pad tegen? Ik had beloofd snel terug te zijn. Ik gokte op een kilometer of 6 dus even aanzetten en dan douchen dat moest wel lukken in een uur.

Het is Super leuk om tussen de verschillende savannes door te lopen. Doordat ik veel te veel kleren aan had getrokken was het warm en leek het net of ik in Afrika liep tussen de wilde dieren. Helaas had ik ook snel door dat het korte rondje wel een erg kort rondje zou worden. Bij 2,5 kilometer was ik al terug bij het hoofdgebouw. Aangezien we daar bijna naast zaten schoot ik nog even een zijweg in. Dat bleek de campingplaats te zijn dus dat werd hem ook niet. Vanwege de beperkte tijd had ik geen zin om dan maar op goed geluk een route te gaan zoeken. Dus voor vandaag even genoegen nemen met de uiteindelijke 3 kilometer met wel toffe fotostops. Zondagmorgen ga ik dan maar een uitgebreide ronde zoeken.

Maar daar dacht Ellen anders over. Het viel echt met bakken uit de lucht. Na 3 weekenden stormwaarschuwing nam ik deze niet echt heel serieus. Maar toen ik naar de bomen op de savanne keek realiseerde ik me dat ik dat maar beter wel kon doen. Ik hou van hardlopen en sla niet snel een training over, maar nu besloot ik toch echt binnen te blijven. Onbekend bosrijk gebied met heel veel regen dat zorgde ervoor dat ik me nog even extra diep in mijn trui en joggingbroek op de bank nestelde. Het werd een dag met bowlen, puzzelen, auto Safari, gezelligheid en veel te veel eten.

Op maandagochtend was ik al vroeg wakker en tot mijn geluk zag ik dat het droog was. De mannen sliepen nog dus ik trok snel mijn hardloopkleding aan en weg was ik. Die zaterdag had ik een bosroute gezien die ik besloot te nemen. Hier waren de nodige bomen geknakt of omgewaaid waardoor het een best avontuurlijk pad was. Na 1,5 kilometer kwam ik steeds weer een hek tegen welke afslag ik ook pakte. Ik moet zeggen dat ik dan toch echt een held op sokken zo in m’n eentje in een onbekend bos ben.

Ik was dan ook erg blij dat ik uiteindelijk bij een omgevallen boom kwam die ik eerder had gezien. Dan ben ik nu dichtbij de uitgang van het bos en dat was gelukkig ook zo. Nu dan maar weer het rondje rondom het park maken. Alle dieren stonden nog binnen dus daar was niks te zien. Maar ik was allang blij dat ik in ieder geval weer de weg wist. Hoewel het uiteindelijk maar 5,5 kilometer was voelde het voor mij als een halve marathon. De biertjes, wijntjes en toastjes waren in m’n benen gezakt. Dat in combinatie met de weg in het bos zoeken maakte dat ik het wel mooi vond voor vandaag. Snel onze koffers weer inpakken en terug naar Rotterdam. Daar waar ik vanavond weer in de sportschool te vinden ben om de schade van het weekend op te maken…

Valentijn

Voor ons geen romantisch etentje op Valentijnsdag. Niet alleen omdat ik het een commerciële onzin vind. Maar meer omdat we zaterdag moesten lopen. Nou doe ik dat wel vaker en ga ik de avond ervoor toch uit eten, maar nu vond ik het lopen toch wel een beetje spannend.

De Amerongse bergtrail stond namelijk bij ons op het programma. En dan ook nog eens de lange versie. Oftewel 21 km door de bossen, heide en heuvels. Voor mij de langste trail tot nu toe. En daarom werden op vrijdagavond de beentjes gespaard. Het voornemen om wel een flesje wijn open te trekken bleek aan het einde van de avond ook niet gelukt te zijn. Thee it is. En vroeg naar bed.

In onze beleving was Amerongen best een stukje rijden, maar we waren er zo. Wel moesten we de auto parkeren en dan te voet verder. Maar ach lopen moeten we zo toch. Als een van de eerste bij de berghut aangekomen nog maar even een bak koffie drinken. We hadden namelijk nog zeeën van tijd. But time flises when you’re having fun en voor ik het wist moest ik toch echt m’n trui gaan uittrekken en m’n tas opruimen.

Zoals altijd bij trailevents worden de spelregels op voorhand nog even goed uitgelegd. We only leave footprints en de tekst is altijd te lezen op de pijlen, staat de tekst op z’n kop dan is er een grapjas langs gekomen. Vanwege de grote opkomst was er zelfs een microfoon geregeld. En ondanks de grote opkomst zou het gewaardeerde pilsje aan het einde ook nu weer klaar staan.

Van veel mensen had ik al gehoord dat dit een mooie trail zou worden. Nou dat was niet overdreven. Wat een mooie omgeving en werkelijk alles zat er in. Heide, heuvels, bossen voor ieder wat wils. Zo zie je ook goed wat voor schade storm Ciara in de bossen heeft aangericht. Ben benieuwd hoe het er nu uit ziet na Dennis…

Van te voren hoorde ik dat de heuvels vrijwel allemaal in de laatste kilometers zaten. Toen ik dus bij 2 kilometer al een aardige klim moest beklimmen kreeg ik het aardig benauwd. Ik vind trailen heerlijk, maar heuvels op rennen dat is echt iets wat ik nog moet leren. Kanonnen wat vind ik dat zwaar. Mijn doelstelling om nergens te gaan wandelen werd daarom bij ongeveer 5 kilometer in de prullenbak gegooid. En daar heb ik nog steeds aardig de pest over in.

Ook ging ik me steeds meer zorgen maken om de laatste kilometers. Als dit namelijk niet zo veel voorstelde ten opzichte van het einde van het parcours, hoe moest dat dan wel niet zijn. Gelukkig kwam er vervolgens een kilometer of 10 dat relatief makkelijk te lopen was. Hierdoor kon ik die heuvels weer even vergeten. En wat is het dan genieten van de natuur. Even helemaal niks, alleen jij en de natuur. Stapje voor stapje en je komt vanzelf dichterbij.

Helaas moet ik nog leren omgaan met eten en trailen. Ik had thuis alleen maar een bakje kwark met wat muesli gegeten. Dat is voor mij prima bij een duurloop, maar dit was nu de tweede trail waarbij ik onderweg letterlijk geparkeerd stond van de honger. Ik begon er zelfs even wazig van te zien. Op zo’n moment heb ik “geluk” dat Jochem suikerpatiënt is en daardoor van alles bij zich heeft. De winegums bleken onvoldoende te zijn en daarom was ik erg blij met zijn blikje cola. Nadat ik deze had opgedronken kon ik de allerlaatste berg beklimmen. En toen was het alleen nog maar naar beneden.

Wat heb ik genoten van deze loop en wat ben ik blij dat ik het trailen echt heb ontdekt. Over 2 weken loop ik de Dodemanstrail, zelfde afstand meer hoogtemeters. Ik ben benieuwd hoe ik dat ga ervaren…

Na zo’n trail was het niet zo’n gek idee geweest om dan de zondag rustig aan te doen. Maar wat moet je met je vrije zondag als je een keer niet hoeft te lopen? Nou dan geef je je op als vrijwilliger voor een hardloopevenement, de Lansingerland run. Ook dit was weer een onwijs leuke dag. Leuk om een loop eens van de andere kant te zien en goed om de spierpijn van de dag ervoor te vergeten.

Je gaat sneller als je lacht

Vandaag stond de Midwinter Marathon in Apeldoorn op de planning. Een loop waar ik met gemengde gevoelens naar uit keek. Een ding wist ik op voorhand zeker, dit gaat voorlopig mijn laatste lange duurloop worden. Iets te veel mensen denken nu dat ik de marathon ga lopen 😉

Vorig jaar liep ik deze loop ook. Toen trainde ik voor de marathon en wilde ik deze loop oefenen in mijn beoogde marathontempo. Het marathontempo ging vorig jaar prima maar de rest ging voor geen meter. Ik vond het toen erg zwaar en ik liep in ieder geval niet lekker. Dat alles zorgde ervoor dat ik vandaag zenuwachtiger was dan normaal. Sinds lange tijd ging ik met een steen op mijn maag het startvak in.

Wat wel mooi is aan deze loop is dat ook Rotterdam goed vertegenwoordigd is in Apeldoorn. Vanuit Nesselande gingen wij met een bus vol richting Apeldoorn. Daar aangekomen zaten we in de Greenroom van de RMD, ook weer gevuld met mooie mensen die in ieder geval iets met de Rotterdam Marathon hebben. Het was ook weer een mooi weerzien van mensen. Op dezelfde verdieping als ons zaten ook de wedstrijdlopers. Ik moest dan ook wel even lachen toen een Slowaakse en Oekraïense aan mij vroegen of ik een foto van hun kon maken. Natuurlijk kan ik dat. Aan hun postuur te zien zouden ze vandaag heel hard gaan lopen.

Liepen we vorig jaar in de sneeuw en over ijsplaten, vandaag was het alleen maar regen, regen en heel veel regen.In het startvak besloot ik aan te sluiten bij een loopmaatje waarmee ik twee weken geleden nog de 23 kilometer liep. Van haar weet ik dat we ongeveer gelijk lopen dus dat is in ieder geval mooi om te starten. Gezien de ervaringen van vorig jaar zou uitlopen mijn doel worden.

In het startvak ging ik sneller van start dan ik verwacht. Ik ging er van uit dat het laatste startvak zeker een kwartier later dan de wedstrijdlopers zouden starten, maar na 6 minuten gingen ook wij al over de startstreep. Dat zorgde ervoor dat de poncho een stuk sneller uit moest dan gedacht. Dat ging even wat chaotisch bij mij.

Aan het begin van het parcours stonden nog veel mensen en muziek langs de kant van de weg. Een dik applaus voor hen met de regen van vandaag. Dat zorgde er ook voor dat we snel liepen. In ieder geval een stuk sneller dan dat ik had verwacht. Maar het voelde prima aan, dus waarom niet.

Regelmatig zag ik Jochem een meter of 30 voor me, dat voelde fijn aan. Hij is nu al een paar maanden aan het klooien met zijn suiker en moet dan onderweg stoppen om zijn suikerpijl op te krikken. Meestal heeft hij dan al wel een bepaalde verzuring in zijn lichaam waardoor het niet meer lekker loopt. Ik hoopte vandaag dan ook heel erg dat hij eindelijk weer eens “gewoon” kon lopen.

Intussen kletste ik heel wat af, wat geloof ik voor mij de eerste keer is tijdens een wedstrijd. Golfen, voetballen en hardloopreisjes. Van alles passeerde de revue en de kilometers tikte lekker weg. Ondanks het hoge tempo.

Bij een kilometer of 9 zag ik Jochem wandelen samen met zijn blikje cola. Hij gaf aan dat ik gewoon door kon lopen, maar toch baalde ik. Al snel had ik ook spijt dat ik was doorgelopen, want zou het wel goed gaan? 25 kilometer is dan echt lang. Maar goed hij gaf het zelf aan.

Al snel kwam de drankpost, waar ik altijd even wandel. Even rustig die paar slokken opdrinken en op mijn gemak mijn gelletje opeten. Mijn maatje liep door, ik stopte even om te kijken of ik Jochem al zag. Dat was niet zo dus ik besloot toch maar door te lopen. Even aanzetten, wellicht loop ik dan wel bij. Dat lukte me ook, na een kilometer of 2. Aangezien deze kilometers best heuvelachtig waren had me dat best wat kracht gekost. Het lukte me dan ook maar even om naast haar te blijven lopen, al snel werd het er net achter. En zo zag ik de afstand steeds groter worden.

Bij kilometer 14 zag ik haar iemand anders van de loopgroep inhalen. Maar al snel zag ik dat ook ik steeds dichterbij kwam. Oké dit gaat lekker, rustig aan maar wel doorgaan. Bijna bovenop de heuvel kon ik hem op zijn rug tikken. Helaas besloot hij om aan te zetten en al snel volgde de drankpost. Toen was ik hem echt kwijt.

Het was voor mij ook het punt dat ik het zwaar kreeg. Ik kreeg namelijk honger. In de middag lopen, daar heb ik vaak moeite mee en ook nu begon mijn maag te roepen om eten. Op het moment dat we de lange saaie weg op liepen besloot ik dan ook even rustig te wandelen om wat winegums naar binnen te werken. Meestal krijg ik daar wel weer energie van en in ieder geval een verzadigd gevoel. Even dooreten en weer door.

Toch voelde ik bij kilometer 17 dat dit niet voldoende zou zijn. Tot nu toe had ik me ook prima kunnen vermaken met om me heen kijken. Ik genoot van de bossen en heide, maar hier op een N-weg ging alles mij tegen staan. Om me heen kijken is hier steeds hetzelfde, ik heb honger en ook krijg ik pijntjes. Het begon in mijn voet, daarna in mijn knie en scheenbeen en toen dat was weggetrokken voelde ik mijn stuitje. En hoe zou het met Jochem gaan? Zal ik even stoppen en hem bellen? Maar hij pakt toch niet op. Dan maar doorlopen en bij de finish zien. Het gevecht tegen mijzelf was echt begonnen.

Ik besloot daarom om mezelf nog te trakteren op een gelletje, maar wel alleen als ik weer omhoog moet lopen. Naar beneden toe wil ik nog wel een beetje profiteren. Uiteindelijk liep ik eerst nog een stukje mee bergop, omdat ik net een groepje had ingehaald. Dat vind ik zelf altijd zo stom als ik ingehaald word en daarna gaan ze meteen wandelen. Dus nee dat ga ik zelf niet doen. Met een beetje spieken zag ik dat er wel weer een gaatje tussen zat. Dus dan nu maar snel aan de gel.

En voor ik het weet word ik weer ingehaald. Eerst twee groepjes en dan komt er wel een heel bekend iemand naast me lopen. En hij stopt ook nog eens. Daar is Jochem. Hij heeft alles op orde gekregen en is toen hard gaan lopen in de hoop dat hij mij nog tegen kwam. Nou dat is gelukt. Ik eet even rustig mijn gelletje op en hij begint nu aan de winegums. Zo kletsen we even over de laatste kilometers.

Dan zetten we samen aan en ik merk dat Jochem de laatste kilometers inderdaad snel heeft gelopen en nog in dat ritme zit. Ik laat daarom weer een gaatje vallen, want dit trek ik niet nog 6 kilometer. Ook lijkt het erop dat het ieder moment in mijn rug schiet zo, dus even een tandje terug. Ik had namelijk echt al wel een keer op mijn klokje gekeken en ik wist dat ik een mooie tijd zou gaan lopen. Toen de weg een heel lang stuk bergafwaarts ging voelde ik de pijn ook naar beneden zakken. Eerst in mijn bil, toen in mijn bovenbeen en daarna weg. Dat was mooi. Ik liet me dan ook steeds meer naar beneden vallen, de rem ging eraf. Wat ik soms best eng vond met die natte schoenen.

Voor ik het wist list ik weer op dezelfde weg als bij de start. En ik had nog over?! Bij de laatste 500 meter begon ik daarom langzaam al te versnellen. Toen ik nog 150 meter zag ging de rem eraf en trok ik nog een sprintje naar de finish. BAM! die is binnen, al had ik nog niet op mijn horloge gekeken. Iets voor me zag ik mijn loopmaatje lopen, maar ze hoorde me niet. Dan nog even een sprintje trekken om haar te feliciteren met haar eerste 25 kilometer. En vervolgens nog even een foto bij de finish.

In het theater ging ik mijn medaille laten graveren. Iets wat ik nog nooit eerder heb gedaan. Een tijdje geleden had ik dit gewonnen bij een prijsvraag. En stiekem vind ik het wel erg leuk, ik gok dat ik het vaker laat doen. Hier zag ik ook pas voor het eerst mijn officiële tijd 2:34:23. 11 minuten sneller dan vorig jaar…